vrijdag 20 juli 2018

De 102e Nijmeegse Vierdaagse - De Via Gladiola


Vandaag een vroege start en dus een wekker alarm om half vier. Vergeefs wachtte ik op een foto van de start. Maar die kwam niet. Later bleek waarom. Pijn, ongemak en gewoon geen zin in. Oef.



In Beers - hun eerste stop na 23.2 kilometers - kwam er een teken van leven. Ik denk dan al: "Waarom in g*dsnaam pas na 23 kilometer?" Dat is 4 en een half uur wandelen achter elkaar. Het is toch geen wedstrijd? Maar het is ook overleven, heb ik begrepen, want na elke stop kost het meer en meer moeite om op te starten en weer een beetje een soepele pas te hebben.



Het gaat niet zo goed met de pootjes c.q. achillespezen. Twee uur lopen om geen pijn meer te voelen, dat is echt niet zo prettig. Zo benoemt hij het ook. Er zijn dit jaar teveel ongemakken, waardoor het plezier in het wandelen een beetje verdwijnt.



Maar ja. Liever afscheuren en hierna een half jaar bij zijn vrouw in de verzorging moeten, dan nu opgeven. Daarbij, hij heeft al een aantal jaar een missie. En dat is het 11e kruisje halen. Zijn (voorlopige) einddoel.



Rond elf uur staat er speciaal voor hem iemand langs de kant: zijn schoonvader.
En een tiental meters verderop de reporter van PopUpTV met zijn gezin.



Na een lekkere koude Radler, stapt hij er weer op, om de oversteek via het ponton over de Maas te maken. Ze sturen mij een berichtje dat hij er aan komt.



Ik sta namelijk aan die overkant op hem te wachten. Oudste heeft me met de auto in Mook afgezet. Daarvandaan ben ik tegen de stroom lopers in - als een vreemde eend in de bijt - zo'n drie kilometer terug gaan lopen, in de richting van Cuijk.



Alwaar ik een geweldig uitzicht had. Echt een fantastisch gezicht.



En daar is ie dan, mijn wandel-held. In zijn Harries Tuincentrum - shirt. Het is grappig om te merken hóeveel leeftijdsgenoten dit nog herkennen van de bestseller Allstars.

Vanaf hier komt het zéker allemaal goed, want ik ga hem hier doorheen slepen. We praten bij en lopen zij aan zij door Mook, Molenhoek en Malden. 

Onder een parasolletje zit een oudere dame met voor zich een bordje: "Ik zit hier al voor mijn 92e Vierdaagse als supporter." Menig wandelaar staat voor haar stil en geeft haar een applaus.

Eerlijk gezegd vind ik het een oersaaie route. Hij had vooraf ook al gezegd dat het tot aan Cuijk leuk is, maar daarna eigenlijk niet zo. Ik beaam dat. De mensen, de muziek, dat maakt het leuk. Maar qua wandeling loop ik liever door gebieden waar iets te zien is. 
Ik begrijp ineens heel goed wat mijn moedertje járen geleden bedoelde met: "Er is geen r*k aan, dit doe ik maar 1 keer." Hoewel ik betwijfel of ze toen het woordje r*k gebruikte.

Terug naar vandaag. Zijn plan is om in 1 rechte streep door te lopen tot de finish. Maar intussen wordt hij steeds een beetje stiller. 

Dan hoor ik een hele hele diepe zucht naast me. "Zeg het eens?" "Ik heb er zó geen zin meer in." Ik snap dat en stel voor toch nog maar even ergens te gaan zitten. Want dan is 5 kwartier lopen - zo'n 6 kilometer - toch nog een heel vervelend eind. En het moet juist leuk zijn, voor zover mogelijk. Alsof het mijn beste idee ooit is, zo kijkt hij me aan. 

Hij ploft op een stoel en ik ga de drankjes halen. Wanneer ik terugkom, zit hij bijna te slapen. Om zichzelf moed in te praten zoekt hij via Google Maps uit waar we nu precies lopen en wat er nog voor ons ligt. Nou daar werd hij in elk geval niet somberder van. 
Dus met frisse moed beginnen we aan het aller aller laatste stukkie.

Uiteindelijk lopen we vanuit Malden Nijmegen in en staan daarna aan het begin van 
de St. Annastraat - de kilometerslange, uiterst langdradige laatste straat van de Vierdaagse.

Er staat en zit een ongelofelijke partij volk op straat. Ook hier ligt de hele economie op zijn gat, want er is geen hond die werkt vandaag.



En daar is dan officieel het begin van de Via Gladiola. De straat die altijd in één naam genoemd wordt met dit grootse evenement.



Net als ik hem er op wijs dat vóór ons de knipperende verkeerslichten staan, klinkt er vanaf links een oerkreet. Daar is ie weer. De super-supporter.



Een klein stukje verderop worden we staande gehouden, zodat er verkeer over kan steken. De agent die midden op de kruising staat, krijgt veel applaus.



Vanaf hier zien we overvolle balkonnetjes, mensen in de raamkozijnen zitten en zelfs boven de daken. Eigenlijk best link. Ze zullen toch geen bakkie bier op hebben?




Er lopen steeds meer mensen met gladiolen rond. Dat is ook te doen. Minder begrijp ik de mensen die 'hun' wandelaars al in Cuijk deze grote zware bloemen in hun handen drukken. Die hebben vast zelf nooit langer dan 5 kilometers achter elkaar gelopen, want dat gesjouw doe je toch niemand aan? Had ik al gezegd dat het wéér erg warm was vandaag?



Nu is het file lopen dan echt begonnen. Hoogtepunt van deze dagen? Tja, ieder zijn ding, maar wij denken daar anders over. Van hem mag het gerust allemaal overgeslagen worden.



Stug stappen we door. Het eind is nu in zicht.




En dan, dan zijn daar de tribunes. Dan weet je dat je niet zo ver meer hoeft. Nog een bocht naar rechts en de wedren ligt voor ons.



Hè hè, we benne dur. Op de finishlijn staat Harm met zijn cameraploeg. Hij vraagt Wim: "Where are you from?" Als hij gewoon zijn shirt had gelezen was de vraag onnodig geweest. Naast hem staat paparazzi Edwin Smulders, de BNN-ers op te wachten.

Moe maar voldaan sluit hij aan in de rij om zijn zwaar bevochten medaille in ontvangst te nemen.



Ze hebben het geflikt. Kleine Broer voor zijn 11e keer en Grote Broer voor zijn 13e. Ik hoef zeker niet te zeggen dat ik ape-trots op hen ben?



  ~ Zo zien 19 saaie wandel-kilometers er op de kaart uit. ~

Dat was het dan. Het -voorlopig - einde van een tijdperk.

Tussen 1984 en 1990 liep hij 5 Vierdaagses, 50 kilometers per dag. De laatste 6 jaar liep hij hem elk jaar. Eerst 3x 50 kilometers, daarna 3x 40 kilometers omdat hij 50-plusser is geworden. Dat zijn alles bij elkaar 2080 wandel-kilometers. Dat zijn er gruwelijk veel.

En wat hem betreft zijn het er ook genoeg. Dit was het. Hij heeft altijd gezegd zijn 11e kruisje te willen binnenharken en er daarna de brui er aan te geven. Zoals het er nu uitziet, blijft hij daarbij.

Iedereen bedankt voor het meelezen en meeleven. Dit wordt énorm gewaardeerd!

donderdag 19 juli 2018

De 102e Nijmeegse Vierdaagse - De Bergetappe bij Groesbeek

Vandaag voor mij een thuiswedstrijd, want de hele bonte stoet trekt hier aan de camping voorbij. Vanaf 9 uur schalt de muziek de openslaande ramen en deuren binnen en weten we: het is weer begonnen. Het is bewolkt en dat lijkt me goed nieuws voor de lopers.



Voor de mannen begon het al zo'n 4-en-een-half uur eerder. 'Pas' om halfvijf gaat de wekker, want ze hebben de late start. 



Even na zes uur vertrekken ze voor hun derde etappe. Eerst opnieuw met pijnlijke achillespezen, maar gelukkig trekt het ook nu weer langzaam weg na de eerste kilometers. Is het verstandig om zo tóch weer 40 kilometers er op te gaan lopen? Nee, dàt niet. Maar naar mijn mening is het gros van de Vierdaagse lopers voor 4 dagen hun slimmertjes verloren.

In de vroege ochtend lopen ze een Schiedammer tegen het lijf die voor het goede doel loopt en ook verslag doet voor PopUpTV. Ze kennen elkaar niet persoonlijk, maar hérkennen elkaar van hun verslagen.



Om half elf krijg ik een appje dat ze op schema liggen en hun eerste stop in Milsbeek hebben. Een half uurtje later loop ik de camping af, de drukte in. Ik heb besloten om niet, zoals vorig jaar, bij de camping de route op te stappen. Ik hoor namelijk altijd de verhalen over de gezelligheid en drukte in Groesbeek Centrum. En dat wil ik ook wel eens zien. 
Dus ik loop, tegen de stroom in, die richting op. Dat kan wonderbaarlijk goed. Het ziet zwart van de mensen,  maar overal laten ze een keurig weggetje vrij waar mensen kunnen passeren.



Op de T-splitsing bots ik bijna op zijn grote vriend. Eigenlijk vindt hij het een vreselijke man, die Harm, maar hij moet nog steeds lachen als hij terugdenkt aan hun fotomoment van twee jaar geleden. 



Even twijfel ik. Zal ík dan nu een foto met hem maken? "Ik lijk wel gek, ik doe het niet ook." En ik loop door.



Het is ècht druk in Groesbeek.


Maar ook serieus gezellig.



Ruim op tijd ben ik op de afgesproken plek. Ja, vandaag wél. Op de rotonde bij 'onze' supermarkt. Aan weerszijde van de rotonde staan auto's en fietsen te wachten. Hebben die onder een steen gelegen of zo? Je wéét toch dat je er niet door kan hier?



Verkeersregelaars houden eens in de zoveel tijd de wandelaars op, zodat er even verkeer over de rotonde kan. Anders hadden deze mensen als een kippetje gebraden geweest, van al dat wachten in de zon. Want warm is het toch weer vandaag. Warm en erg benauwd. En al lang niet meer bewolkt. Dat blijkt aan het eind van de dag aan 1225 mensen de kop gekost te hebben. Dat zijn er beduidend meer dan vorig jaar op dag 3.

Ik heb nu de tijd om eens goed te kijken wat voor verschillende types er allemaal meedoen. Uiteraard zag ik diverse bolletjes truien, mensen met lange kousen in de Vierdaagse kleuren - links oranje en rechts groen - , een rolstoeler die achterstevoren tergend langzaam de heuvel op rolde (mijn hemel, hoe moet dat straks bij die echte heuvelen?), mensen met ingenieuze doek-systemen om hun hoofd, unisex geklede stelletjes en een jonge meid die op 1 kunstbeen liep. "Die heeft in elk geval aan één voet geen blaren", hoorde ik een vader tegen zijn zoontje zeggen.

Ook was ik getuige van een militaire gewoonte. Bij het naderen van een rotonde gaat dan één van hen, die met een vlag loopt, hard een rondje rennen. Soms met wel 4 nationaliteiten achter elkaar. Alsof wandelen al niet vermoeiend genoeg is.



Dáár zal je ze hebben. Vrolijk huppel ik de weg op om verder mee te lopen. Ja, ik wel. 
Hij heeft het wat moeilijker. Het gaat niet helemaal van een leien dakje dit keer. Hij moppert niet, hij klaagt niet. Want dat lost niets op, zegt hij zelf. "Uitlopen doe je hier, tussen je oren", zegt hij naar zijn hoofd wijzend.

Daar gaan we dan, richting Groesbeek Centrum en de camping, waar onze jongens langs de kant zullen staan. Maar hoe we ook turen, we zien ze niet. Tot mijn telefoon gaat, wat op zich al een wonder is. Want het bereik is matig tussen al die mensen hier. Het is Jongste. "Jullie liepen me zo voorbij. En ik riep nog wel." We keren om en lopen zo'n 10 meter terug.



Tóch nog gezien. Eenmaal thuis horen we dat we ook Oudste voorbij zijn gelopen. Hij had ons telefonisch níet kunnen bereiken.



Dan gaan we beginnen aan de Zeven Heuvelenweg. 



Een verzamelplaats van campers, stoeltjes, bandjes en heel veel mensen. 


En toen. Toen stond hij daar weer. Doorlopen was geen optie. Er móest een nieuwe foto komen.  Nou, daarvoor ben ik mee hè, dat is één van mijn taken.



Er wordt onderweg regelmatig naar zijn shirt gewezen. Mensen herkennen het van de film De Marathon. Ergens op de Heuvelen herken ik een dame die hem aanspreekt. Ongelofelijk. Tussen ruim 41.000 mensen loopt zij nu naast ons. Een Schiedamse, waarvan ik op haar allereerste dag als krantenbezorgster, haar fiets liet omdonderen. 



Omdat het windkracht 9 was die dag en mijn postfiets omviel, tegen die van haar. 
Die natuurlijk ook viel, waardoor de krat waarin zij de kranten los had liggen, scheurde en alle kranten op de grond vielen. Met windkracht 9. Hoef ik zeker niet uit te leggen wat er toen met die kranten gebeurde? Ze herkende mij niet meer, maar dit verhaal natuurlijk wel. 




In Berg en Dal wacht het traditionele broodje braadworst. We ruiken ze al van verre. Want hier houden ze elk jaar hun 2e en direct laatste stop.



Gebraden door dezelfde kerel als vorig jaar, de grootste worstenbrader van het hele kabouterdorp.



De zaken gaan er goed. Er worden veel drankjes weggeschonken, voornamelijk fris. Opvallend vond ik dat de militairen de grootste bierbestellingen deden en zelfs om 20 cognacjes vroegen.



Vanaf hier is het nog een uurtje lopen. Even stijf en stram van het zitten, maar daarna gaan de benen weer draaien.

We lopen van muziekje naar muziekje en dat is heerlijk lopen. Lekker mee galmen met "Laat de zon in je hart", "Kom pak je lasso maar" en "Dans nu de hele nacht met mij". 
Van Abba tot Bee Gees, alles is leuk. Ook de jongen die in zijn eentje op een gitaar zit te pingelen en tegelijk via een megafoon wat zangklanken uitstoot, krijgt applaus.

Dan komen we langs een enorme luidspreker waar keihard "You'll never walk alone" uit klinkt. En dan precies dat stukje dat de aftiteling van de Marathon vormt. Dat ziet er in beelden dan zo uit:



Er is daar geen hond die het begrijpt, maar ik lach me gek.

Bij Begraafplaats Rustoord staat Monuta peren-ijsjes uit te delen. Die vinden gretig aftrek na alle spekkies, stukken meloen, Napoleons, mueslibollen en appels. Er wordt weer veel water uitgedeeld en als mensen smachtend naar toeschouwers met een blikje bier in hun hand kijken, wordt het direct door hen afgestaan. Alles wordt gedeeld. 



Als je een goodiebag bij je zou hebben en je zou van iedereen iets aanpakken, dan hoef je serieus twee weken geen boodschappen te doen. En weet je wat ik ook zo bijzonder vind? Er ligt nagenoeg geen afval op straat. Er wordt niets neergegooid, maar bewaard tot er ergens een vuilnisbak of zak opdoemt. Daar moet je in bijvoorbeeld een voetbalstadion eens mee aankomen.

Men staat er trouwens ook met zweetblokjes kaas en balletjes gehakt. Maar dat vinden wij iets te onverstandig, met deze temperaturen. Wie weet hoelang dat al buiten heeft gestaan?

Via het witte Dommerdam - vanaf hier nog 2000 stappen - en de Rode Straat lopen we naar de finish.



Om vijf voor half drie zijn ze weer binnen.


Ze hebben het maar mooi weer volbracht. Het gaat dit jaar niet zo makkelijk. Er zijn zéker pijntjes. Van de week zei hij nog: "Mijn lichaam is een tempel." "Het ligt alleen even in puin", voegt hij er vandaag aan toe.

Morgen nog één keer vroeg op. Half vier de wekker. Maar ze hebben er gewoon weer zin in.

_____________________________________________________________________________

Zelf liep ik vandaag uiteindelijk ruim 20 kilometers. En op de wedren had ik mijn eigen meet and greet. Lang leve de technologie en smartphones van deze tijd.