vrijdag 3 februari 2012

Mijn januari-maand via Gio

Time flies................de eerste maand van 2012 is gewoon alweer voorbij. Over en uit. Komt nooit meer terug. Het zou van mij best iets minder snel mogen gaan.
Tegenwoordig kijk ik met een ach-gossie-blik naar de kinderfoto's van tien jaar terug. Het voelt als gisteren. Maar de langste tijd thuiswonen zit er misschien al wel op.
Gister kwam ie heel dicht tegen me aan staan. Even meten zegt hij dan. Waar hij een jaar geleden net borsthoogte haalde, heeft hij nu bijna mijn top bereikt. Nog even, en dan kijken we elkaar recht in de ogen.
En daarom mag voor mij de rem er wel een beetje op.

Ik dwaal af.
Dit was mijn januari-maand in mobiele plaatjes:


Moederdag valt altijd op de tweede zondag van de maand mei. Dat is een weetje. Maar een nog veel belangrijker weetje is, dat op de eerste donderdag van de maand januari Wie Is De Mol begint. En ik ben niet veel eisend en heel meegaand, maar vanaf dat moment gaat er geen voetbal meer bij ons aan op de televisie. Op de donderdagavond dan hè! De rest van de week heb ik gewoon net als altijd niets te vertellen hier.
Het goede nieuws is dat Jelmer het leuk vindt om mee te kijken, dus nu speuren we samen naar De Mol. Maar dan is er natuurlijk ook slecht nieuws: De Mol die ik op het oog had kreeg een rood scherm en zit dus al thuis.
Ik leer het echt nooit.


Deze dag scoorde ik bonuspunten. Jelmer was naar school vertrokken zonder brooddoosje. Dilemma: wat te doen? Ik ben uit principe tegen het nadragen van allerlei dingen. "Daar moeten ze zelf maar aan denken en daar leren ze van". En in principe houd ik me daar heel vaak dan toch niet aan. Ach ja. Zwak vlees.
Hij had die dag een lange dag. Acht uur school. Die begon op school in Vlaardingen, dan op de fiets naar Schiedam voor een culturele activiteit, terug fietsen naar Vlaardingen en de laatste twee uur Sportklas. Dan weer terug naar Schiedam, op de fiets.
Geen Eurocent op zak. En dan weet ik dat dit kind A.L.T.I.J.D. - en altijd, dat is als de hele dag door - "honger" heeft.
Die heeft dan niets bij zich.
Het is toch niet zo gek, dat ik dan bedenk dat ik toch nog naar de stad moet en dan best daar zijn fiets op kan sporen om zijn brooddoosje op zijn bagagedrager achter te laten?
Nou, dat deed ik dus.
Jelmer zelf snapte er niets van toen hij het vond, maar hij at zich nog lang en gelukkig.


Deze roken heel erg lekker. Geef mij de bollentijd maar.


Januari was al even aan de gang toen het ineens kouder werd.
En dat vertaalt zich in een wit laagje over de weilanden aan de Kerkweg. Met in de verte de zon, die de aarde verwarmt. De dampen komen er dan gewoon vanaf. Mooi begin van de dag.


Nou maken wij thuis met 4 best veel rommel. Wat denk je dat er gebeurt op een school met een lerarenteam van pak hem beet 25 man / vrouw?
Inderdaad. Die zijn net zo erg, maar dan dus het zesvoudige.
Had ik al eens verteld, dat ik hier en daar een helpende hand toe steek? Zo zit ik ook in de twee man sterke zolder-opruim-commissie. Elke keer als ik daar aan het puinruimen ben, voel ik me een tikkie schuldig over thuis.
Nee, natuurlijk is het hier geen beestenbende, maar ik schijn het beeld op te roepen van strak - georganiseerd - netjes. Ennuh, dat kan ik niet helemaal waar maken. Thuis dan. Op school lukt het me goed. Zegt men. En dat zou ik ook zeggen, zolang er iemand is die mijn rotzooi achter m'n kont opruimt en alle planken strak gevuld houdt. Die moet je ten alle tijden te vriend houden.


Niet iedereen heeft een fijne januari-maand. Meeleven gaat dan vanzelf.


Op een zaterdagavond vertrek ik richting Den Bosch voor een gezellig en lekker etentje. Daar at ik een toetje, zelden zo lekker geproefd. Laten we zeggen dat het een specialiteit van de stad is. Groot, bol en rond, met van binnen ijs en van buiten chocola. Mmmmm......


Zondagmorgen. Lekker lang in pyjama. Als het kan tot we 's avonds weer gaan douchen en er een frisse klaar ligt. De ontbijtboel nog op tafel. Croissantjes voor de mini-mannen. Jelmer aan zijn huiswerk. Wessel bezig met de voorbereidingen van een spelletje. En Wim onzichtbaar, maar o zo nuttig. Aan het werk dus.
Van mij mag het drie keer in de week zo zondag zijn.


Had ik al gezegd dol op bollen te zijn? Ik trakteerde mezelf op verse.


En deze staan in de tuin. Een blijvende herinnering aan de Boswachterdag. Het is maar een paar vierkante centimeter in de tuin, maar ik word er blij van.


Ook zo'n bol die ik graag mooi zie staan te wezen.


Ik had de wasbeurt voor Jelmer's voetbalteam. Dat betekent 15 shirts,
30 kousen en 15 broekjes in de was. Als je geluk hebt krijg je de was mee na een kunstgras-wedstrijd. Dat geluk heb ik nou nooit.
Voor de niet-voetbalkenners: kunstgras geeft niet af. Ook al maak je een buikschuiver of sliding van 15 meter.
Nee, ik heb altijd net de beurt na een gras-wedstrijd en dan ook nog na 6 dagen regen. Waardoor er veel modder op ligt.
Die witte broekjes worden bij mij dan niet schoon met 1x wassen in de machine.
En dus moet ik dan met een heuse schrobborstel in de aanval.
En denk ik veel aan oma. Oma had heul veul van die koters in haar huis opgroeien. En geen wasmachine. Chapeau voor oma!


Nog een plaatje vanuit de auto.  De achterbak ligt vol met boodschappen, want ik heb net mijn wekelijkse rondje door Bas er op zitten. En dan zie ik ze. Nu al. De sneeuwklokjes. Nooit geweten dat de gelen de sterksten zijn, want in het voorjaar staan ze hier altijd in alle kleuren. Nu nog niet. Nu alleen de gelen.


En toen zakte het kwik naar ver onder nul. Opeens. En precies die dag viel de stroom uit. Jelmer werd uit Vlaardingen van school naar huis gestuurd en ook bij Wessel lag alles er uit. Op weg naar huis zag ik vanuit de auto plots alle lichten buiten uitgaan en veranderde het winkelcentrum in één donkere massa. Het duurde twee uur. En het was echt errug koud in huis. Maar gelukkig koken wij op gas en kon ik warme chocomel maken. En wist je dat het best knus is, met een waxinelichtje aan, op het toilet zitten?

zondag 29 januari 2012

Schoolkorfbal 1975

Diana doet niet mee

Diana kan niet schieten.
Niet korfschieten met de bal.
Dus mag zij ook niet meedoen
met Petra en Pascal.
Diana kan niet goed rennen.
Niet rennen zoals Sil.
Dus mag zij weer niet meedoen.
Dus staat zij alsmaar stil.
Iedereen is in de weer.
Rekken, strekken, lekker fit.
Alleen Diana niet 1 keer.
Diana zit.

Diana kan niet springen.
Niet springen zoals Frank.
Diana zit al uren
op de reservebank.

Iedereen roept: "Diana,
jij mag later wel.
Als 1 van ons te zwak is,
dan mag jij weer in het spel."
Iedereen rent heen en weer.
Hollen, dollen, wat een pit.
Alleen Diana niet 1 keer.
Diana zit.

Diana zit tewijl ze schoppen.
Diana zit terwijl ze koppen.
Diana zit en hoort ze fluiten.
Diana zit al uren buiten.
Diana kan er niets aan doen.
Zij is bank-zit-kampioen.

KAMPIOEN?

Diana heeft gewonnen!
Diana krijgt een prijs.
Diana is de beste.
Diana, dat is wijs!
Diana is een kanjer.
Diana is dolblij.
Niemand van haar klasgeoten
zat zolang als zij!

Horend bij het blogbericht van 8 november 2011
Bron: bagage

zaterdag 28 januari 2012

Jarig

Vandaag precies een jaar geleden, plaatste ik mijn eerste blogbericht.
Inmiddels staat de berichtenteller op 109.
Het aantal keer dat iemand hier een kijkje heeft genomen, is 1919 keer.
Dat vind ik verrassend veel.
En ook al is het me hier niet om begonnen, ik vind het wel leuk dat mensen meelezen. Soms zelfs handig.
Als ik dan ook af en toe nog te horen krijg dat men het graag leest en regelmatig "langs komt" om te zien of er nieuws is, vleit dat me.


Maar bovenal heb ik er zelf zo vreselijk veel lol in. Om stukjes te schrijven. Met foto's te rommelen. Om vast te leggen wat ik zo graag bewaren wil. Ik word er lekker rustig van in mijn hoofd.


Het moederschap heeft me veel gebracht. Geluk. Gemis. Ook onrust.
Ik ben me bewust dat ik altijd op zoek ben naar puzzelstukjes van de eerste 7 jaar van mijn leven. Naarmate de tijd vordert zijn er steeds minder mensen die met me mee kunnen puzzelen. Simpelweg, omdat mensen die toen nabij waren wegvallen.


Schijnbaar onnozele spulletjes zijn voor mij waardevol.
Het houten-zoutjes-serveerschaaltje en onze ontbijtbordjes bijvoorbeeld, beiden zo'n 47 jaar oud en huwelijkscadeaus van mijn ouders.
Een klein blauw parfumflesje, dat ik via mijn nicht kreeg. Zij had het op haar beurt van haar moeder gekregen met de boodschap dat het voor mij was, als zij zou zijn overleden. Het had vroeger mijn moeder toebehoord en was het enige tastbare dat haar oudste zus van haar bewaard had, al die 42 jaren lang. Ik vind dat mooi en het gebaar kan mij erg ontroeren.
Nog zo'n moment dat ik nooit meer vergeet is toen ik op mijn 15e verjaardag van mijn opa, die altijd meer met zichzelf dan met anderen bezig leek, een kettinkje kreeg. Ik herkende het direct van de trouwfoto. Opa had het 13 jaar voor mij bewaard. Ik heb hem nooit kunnen vragen wat het hem deed om zijn dochter zo plotseling te verliezen.
Bij brand zal ik ook zeker de vele zwart wit foto's-uit-lang-vervlogen-tijden redden. Zo jammer dat daar geen beweging en stemmen bij zitten.
En in De Doos zitten naast schoolrapporten - notabene van de basisschool waar die koters van ons ook op zitten en zaten - ook 2 poësiealbums, met door mijn moeder geschreven tekst daar voorin. Dat is denk ik wel het meest persoonlijke dat ik van haar heb.


Er zijn periodes geweest dat ik veel haast had. Haast omdat ik niet ouder dan 24 zou worden. Dacht ik. Of toen ik inmiddels tot mijn eigen verbazing toch dertiger was geworden, omdat het voor mij vast bij 42 zou stoppen.
Gelukkig bleken dat onzinnige hersenspinsels. Natuurlijk wist ik dat zelf ook wel, maar toch. Ik dacht er wel aan.


En ik bleef de onrust houden. En de gedachte dat eens de dag komt dat ik aan de beurt ben.......
Het is niet zo dat de angst regeert. Absoluut niet. Maar ik houd er wel rekening mee.
Ik leef er niet naar, maar ben wel voorbereid. En dus zit er in onze PC een map met allerlei liedjes, rituelen, overpeinzingen, kaarten, teksten, en andere meer of minder relevante zaken die verband houden met afscheid nemen en de voorbereiding daarop.
Voor een ander wellicht bizar; voor mij noodzaak om ruimte vrij te houden om intens te genieten van het hier en nu. En daar ben ik best goed in.


Ik had het al even over De Doos. Daarin zitten ook 2 boekjes, die voor onze jongens door opa en oma vol geschreven zijn. Met allerlei wetenswaardig-heden over de tijd waarin zij opgroeiden. Die boekjes koester ik.
En daarin zit voor mij ook het leuke van hier stukjes schrijven. Zodat ergens terug te lezen is hoe het er hier thuis aan toe ging. En hoe trots ik ben op mijn gezin.
Geen idee of dit ooit bij gaat dragen aan het levensgeluk van mijn kinderen. Maar So What? Ik word er zelf zo lekker rustig van.

donderdag 26 januari 2012

Een luxeprobleem

Nog voor we kinderen kregen fietsten we samen twee weken door Ierland.
Ik kan er nog heimwee naar hebben. Nu blijkt dat hier en op Jersey en Guernsey onze mooiste vakantieherinneringen liggen. En dat deze landen op ons wensenlijstje staan voor-als-de-kinderen-niet meer-mee-gaan.

De overgang van hier naar daar is groot. Op menig gebied. Op krap twee uur vliegen hier vandaan.
Zo zie ik hier ambitieuze meisjes, op hoge hakken, met zware zonnebrillen en dure mobieltjes. Ze koesteren de illusie dat een carriere gelukkig maakt.
Ook zie ik een jongen van een jaar of twintig, met zorgvuldig door de war geknipt haar. Zijn spijkerboek zit vol scheuren - alsof er zojuist een tractor overheen is gereden. 


In Ierland dragen ze geen kleren met scheuren. Daar zijn ze te arm voor.
De jongen speelt met zijn iPhone en pocht tegen zijn vrienden. Hij ziet er welvarend uit. Welvarend en zelfvoldaan. Hem hoef ik niets meer te vertellen. Hij weet alles al, heeft alles gezien, is overal geweest, heeft alles gekregen. Twintig en niets meer om naar te verlangen.

Ik merk mijn afkeer en schrik. Ik begin een oud wijf te worden.
Zo'n moppersmurf. Een die altijd zure bommen eet. Die roept dat vroeger alles beter was.


Willen jullie me waarschuwen als het echt zover is? Ik mag zo niet denken.
Ik wil zo niet oordelen. De jeugd heeft recht op arrogantie. Ze heben nog alle tijd voor tegenslag en zelfinzicht.

Maar toch. ik wil niet dat mijn jongens zo worden. Ze mogen best weten dat overdaad niet vanzelf spreekt. Dat het eigenlijk heel bijzonder is dat je op je 12e al tig-keer in een voetbalstadion wedstrijden hebt gezien. Waarvan binnen twee maanden twee keer in Engeland.
Dat het, als je er goed over nadenkt, heel raar is om twee keer per week een ijsje te eten. Dat wij vroeger geen spelcomputer hadden, terwijl er hier in huis 4 DS-en rondslingeren en 2 Playstations plus een Wii staan.


Maar ja. Het moeten ook geen vreemde, buitenaardse wezens worden.
Met van die zelfgebreide kunstkleren aan.
Hoe langer ik erover nadenk, hoe duidelijker het wordt.
Opvoeden is een luxeprobleem.


Veel of weinig

De een eet bruinboord, de ander eet taart,
de een heeft een hamster, de ander rijdt paard.
Zij moet altijd lopen en zij wordt gebracht,
hij heeft 1 paar schoenen, hij heeft er wel acht.
Zij heeft een mobieltje, zij belt met haar fiets,
de een heeft heel veel en de ander haast niets.

Of 't veel is of weinig, 't is nooit wat het lijkt,
vooral als je verder de wereld inkijkt.
Jij krijgt steeds te eten, zij vragen om geld,
jij kunt rustig slapen, niet bang voor geweld.
Jij gaat straks naar huis toe, want jij hebt een huis,
zij blijven maar zwerven, de straat is hun thuis.
Jij gaat naar een school toe, zij naar een fabriek,
jij kunt naar een dokter, zij blijven maar ziek.
Een stukje karton als een bed, is al iets:
de een heeft heel veel en de ander haast niets.

bron: Bagage

dinsdag 24 januari 2012

Broers

Kijk dan! Dit zijn broers. Al bijna10 jaar.

~ oktober 2002 ~

Ze zijn elkaar spiegel - ze houden elkaar een wereld aan mogelijkheden voor.Ze zijn de getuigen van elkaars leven. Ze halen het beste en het slechtste in elkaar naar boven.

~ juni 2003 ~

~ december 2003 ~

Ze zijn partners in crime. Ze zijn elkaars maatje, als ik het gefluister hoor terwijl ik boven ben en zij beneden. Ze weten wanneer de ander glimlacht, ook al is het pikkedonker. Ze komen voor elkaar op en staan elkaar naar het leven.

~ mei 2004 ~

~ zomer 2004 ~

Ze spelen samen. Maken knetterende ruzie. Als de een bang is, kruipt hij achter de ander weg. Als de ander verlegen is, doet de een het woord. Op sommige dagen zijn ze elkaars reden dat ze wensten dat ze enig kind waren.

~ februari 2005 ~

~ augustus 2005 ~

Maar hij is zijn broer. En hij ook de zijne. En daar komt niemand tussen.

~ juni 2006 ~

~ februari 2007 ~

Iedere dag, wel tien keer per dag, moet ik ze hetzelfde vertellen. En nog een keer. En nog een keer.
Ruim die rommel even op. Laat je broer met rust. Zet de tv wat zachter. Laat je broer met rust. Niet op de bank springen. En nou hou je op je broer lastig te vallen. Nee, je mag niet op de computer. En verdorie, STOP toch eens met klieren jullie!

~ april 2007 ~

~ februari 2008 ~

Er zijn periodes dat ze de hele dag kibbelen. Bekvechten. Helemaal gek word je daarvan, en je vraagt je af of dat een fase is die uberhaupt ooit over zal gaan.

~ maart 2008 ~

~ augustus 2008 ~

En dan ineens, dan zie je het. Zo af en toe.
In een onbewaakt moment zie je datgene waarvan je hoopt dat ze het meekrijgen, naar boven drijven. Niet omdat het moet, niet omdat ik het zeg.
Omdat ze broers zijn. Omdat ze bij elkaar horen.

~ april 2009 ~

~ juli 2009 ~

Nu er eentje begint te puberen en eentje al vanaf zijn 2e jaar continu in de puberstand-lijkt te staan, staan ze elkaar verbaal soms zo naar het leven dat je je afvraagt of het ooit nog goed komt.
Maar dan ineens tref je ze samen, pratend over van alles. En dan weet je het is er nog.
En het blijft ook altijd.

~ januari 2010 ~

~ mei 2010 ~

Voor de buitenwereld worden ze groot, maar niet voor elkaar. Zij kennen elkaar zoals ze altijd al zijn geweest. Ze kennen elkaars hart. Ze delen grappen die alleen zij begrijpen.  Ze herinneren zich hun ruzies en plezier. Het hoogtepunt van hun dag is als ze de ander zo hard laten lachen dat er een natte plek in de broek ontstaat. In die van de ander.

~ december 2010 ~

~ mei 2011 ~

Ze zijn broers.

~ december 2011 ~

woensdag 18 januari 2012

Vrouwen maken zich druk,
over dingen die mannen vergeten.

Mannen maken zich druk,
over dingen die vrouwen onthouden.

`~ juli 2011 ~

dinsdag 17 januari 2012

Het is gelukt!

Jeetje zeg, wat is het koud geworden! Ik vond het gisterochtend al, maar vandaag helemaal..........Het heeft voor een uniek moment in de geschiedenis - van het afgelopen jaar - gezorgd.
Kijk maar:


Zie je het? Niet?? Kijk goed dan!

Laat het me uitleggen. Dit verhaal gaat over CROCS. Iedereen kent ze, toch? De zomer waarin plots iedereen op die dingen liep, verafschuwde ik. Het schoolplein liep er vol mee. Ongelofelijk, maar zelfs de stoerste mannen hadden ze en de mooiste vrouwen ook. In het roze.
Ik kan me niet voorstellen dat mensen hier aan mee doen om het meedoen, dus ik geloofde heus wel dat ze lekker liepen.
Maar toch sprak ik met mezelf af: niet bij ons in huis. Nooit!


Tot de meivakantie op Kijkduin. We hadden er een heerlijke week.
Wessel was veel buiten met vriendjes en al na dag 2 kwam hij in opstand.
Want als hij nog aan het klieren en klooien was met zijn schoenen en klittenband, was de rest al lang vertrokken. Op crocs.
Dus: hij wilde ze ook. En omdat ik een prima inlevingsvermogen heb
èn graag doorga voor de allerliefste moeder van de hele wereld - al is het maar voor één dag - kocht ik ze.
Nou ja, de neppers dan hè. Lekker goedkoop.
Tja, dat werd dus duurkoop want om de klip klap scheurde er van alles af
en moest er een nieuw paar komen.


Toen in maart 2011 de buitentemperatuur opliep wilde hij ze graag weer aan. Natuurlijk gngen ze wéér kapot en schoorvoetend erkende ik mijn nederlaag. Ik kocht ze. De echte. Bij een outletshop, dat dan weer wel.
Ik werd daar al snel een bekende klant, want in een zomervakantieweek liet hij ze staan, in een zwembadkleedhokje.
En toen hadden we pas echt een probleem.
Nu kom ik natuurlijk niet helemaal uit een ei en had ik heus wel reserve-
schoenen meegenomen op vakantie. Maar ja, die had ie sinds maart niet meer aan gehad en die pasten dus echt niet meer, bleek. Een probleem dus.
Zie dan maar eens aan het eind van een zomer in een gehucht aan soortgelijk schoeisel te komen. We vonden 1 paar. Neppers. En twee (!) maten te groot. En toch wilde hij ze.
En gingen ze al snel weer kapot, maar thuis kon ik weer echte kopen bij de outlet.


Die deed hij dus niet meer uit. Ook niet toen het herfst werd. En november. Met veel moeite kreeg ik hem uiteindelijk in zijn sokken. Want ja, in november ging hij nog steeds met blote voeten + crocs naar school.
Maar ik kreeg hem echt zijn crocs niet uit gepraat.
Inmiddels schafte ik uiteraard wel een paar "gewone" schoenen voor hem aan, voor als het koud zou worden en gaan sneeuwen. Maar ja, dat deed het niet en de schoenen bleven in de kast.
De dag van de Kerstviering vroeg juffie nog aan hem of hij van plan was ook met crocs naar de kerk te komen? Ja, dat was ie.

Maar gister, gister was het zover. Ik zette de fietsen buiten en vond het k.o.u.d. buiten!
"Hé Wes, het is koud hoor, zou je vandaag maar niet beter je schoenen aan doen?".
"Is goed mam".


En zo kwam het. Op 16 januari 2012.
Vanochtend heeft hij afgedwongen dat hij ze vamiddag niet aan hoeft.
Want dan heeft ie gym. En ik snap toch wel dat dat niet te doen is, met schoenen.
Ja, dat snap ik. Dan ben ik vandaag tenslotte wéér de allerliefste moeder van de hele wereld.

The good you do today, people will often forget tomorrow. Do good anyway.......