woensdag 22 augustus 2012

Plaatjes van Het Vennenbos

Op Wessel 's verjaardag vertrokken we, na de koffie mét taart, richting Brabant.

 
Bekend terrein en favoriete vakantieplek van de jongens.
 
 
Vanwege de feestelijke dag gingen we uit eten bij de Pannenkoekenboerderij in Eersel.
 
 
Als verrassing van het restaurant kregen we vuurwerk op tafel.
 
 
Nu niet denken dat de kleding van de heren expres zo op elkaar afgestemd is hè......
 
 
Naast uitslapen, ontbijten met verse broodjes, krantjes lezen, zwemmen, gamen en rennen, bestonden onze dagen uit Geocaching.
 
 
Voor Wim en Jelmer was dit hun eerste kennismaking. In de loop van de week kregen ook zij er steeds meer lol in.
 
 
De eerste van de 11 die we deze vakantieweek vonden, zat verstopt in een schuilhut; een bekend fenomeen in deze streek.
 
 
Deze dag liepen we bijna 9 kilometer en was het verdomde warm. Dat vonden de heren dan weer iets te veel van het goede.
 
 
In een kapelletje kon je een boodschap achterlaten. Om deze heb ik erg moeten lachen. Amen.
 
 
Vogelhuisjes blijken geliefde verstopplekken. Deze hing in Het Speelbos.
 

 
Gevaarlijk uitziend volk daar.............
 






 
Soms moesten we capriolen uithalen, alvorens we de cache te pakken hadden. Deze lag onder een bruggetje, op een lastig te bereiken plek.
 

 
Daar heb je Ruben weer, met zijn roofvogelshow.
 



 
Onder toeziend oog van deze grazers én een drietal dreuzels, vonden we onze eerste Belgische cache.
 

 
En hier lag er eentje op 35 meter hoogte.
 





 
Hoe duidelijk wil je het hebben? En toch gewoon doorlopen. Foei!
 
 
Uiteindelijk bleek ook dit niet de juiste aanvliegroute. We hebben er zéker een uur naar gezocht. Maar opgeven was geen optie. Althans, voor de helft van ons. De andere helft mokte driftig verder.
 
 
Nadat we zes keer de brug met de auto over waren gereden, maar nog steeds niet in de buurt konden parkeren, zat er niets anders op.
 
 
Parkeren aan de verkeerde kant van de brug en dan in kolonne in volle sprint naar de overkant rennen, voordat er weer auto's aan kwamen.
 


  


De eerste bunker die we vonden bleek niet de goede. We moesten veel dieper "het groen" in.



Dit was hem dan.




Dat we de locatie van onze laatste Belgische cache zo letterlijk moesten nemen , daar hadden we vooraf geen idee van.

 
 
De naam: Het Belgisch Varken. We vonden hem in een achtertuin. Het bleek een huisdier.
 
En zo eindigde een heerlijke week.

maandag 20 augustus 2012

Ik zomer nog even door


Vanochtend. Kwart voor negen. Ik draaide de voordeur open en luisterde. Oorverdovende stilte.
Geen tv-geluiden, geen geruzie, niemand die vroeg " mag ik wat te drinken?", geen gerommel in de keuken. Het enige dat ik hoorde was het geluid van ons logeerkonijn knagend op een wortel. Maar verder stilte.


Wim en Jelmer zijn op herhaling in Londen, met opa dit keer.
Wessel heb ik net naar school gebracht. De eerste schooldag na een lange, fijne zomervakantie.
Hij had er zin in.
Ik niet.


Ik heb een hardgrondige hekel aan die eerste dagen dat er weer van alles moet. Dat de klok regeert en dat we niet meer samen zijn.


Daarom pakte ik de autosleutels en vertrok weer door de voordeur. Ik moest er echt hoognodig even tussenuit. Mijn onvrede er uit stampen en straks terugkeren als een moeder die zich schikt naar de situtatie. Want dat kan ik best. Heus. Maar dat duurt bij mij altijd even.


Met 538 extra hard door de speakers schiet ik de snelweg op. Wegwezen. Bij 's Gravensande parkeer ik de auto. De eerst badgasten arriveren ook al. Bepakt en bezakt slepen zij zich voort.


Het is al heerlijk warm en de eerste kilometers leg ik af door de duinen. Onderweg pik ik 3 caches op, want hé, ik ben er nu toch. Om zo onopvallend mogelijk te loggen ga ik zitten en lurk ik nonchalant wat aan een bidon water. Blijkbaar zie ik er nog steeds niet zo ontspannen uit, want er zijn fietsers die in het voorbijgaan naar me roepen "of ik wel goed ben?"


Na zo'n 3 kwartier steek ik bij Ter Heijden de duinen door en dan ligt de zee voor me. Rust en ruimte. Het werkt, want langzaam verdwijnt de bewolking uit mijn kop.


Precies om kwart over twaalf parkeer ik mijn fiets bij school en zie ik Wessel aankomen. Enthousiast en vol verhalen. Binnen 10 minuten hebben we de eerste discussies al achter de rug en blijft hij me mokkend aankijken omdat ik geen wentelteefjes klaar heb staan thuis. O ja, zo was het. Ik weet het weer.

Veel te snel zit 'tussen-de-middag' er alweer op.
Er zijn nog best veel dingen waar we aan moeten wennen.
Maar dat komt wel.


Na het avondeten gaan we een rondje fietsen en halen we een ijsje.
Zo houden we de zomer nog lekker even vast.


Morgen komt de andere helft van ons gezin weer thuis.


En dan is alles weer goed.